Stoppeldijk (Polder-van-), pold. in Staats-Vlaanderen, gedeeltelijk in Hulster-ambacht en gedeeltelijk in Axeler-ambacht, prov. Zeeland, arr. Goes, kant. en distr. Hulst, gedeeltelijk gem. Stoppeldijk, gedeeltelijk gem. Boschkapelle; palende N. aan den pold. Rummersdijk en Klein-Hengstdijk, O. aan den pold. Groot-Hengstdijk, Paulus-polder en den Haven-polder, Z. aan den pold. Groot-Cambron, den pold. Klein-Cambron en een gedeelte van den, in 1845, uit de schorren van het Hellegat, nieuw bedijkten Catharina-polder, W. aan het Hellegat.
Deze pold. heeft eene kadastrale uitgestrektheid van 1293 bund. 7 v. r. 47 v. ell., waarvan onder de gem. Stoppeldijk 611 bund. 47 v. r. 7 v. ell. en onder Boschkapelle 681 bund. 60 v. r. 40 v. ell.
Hij is schotbaar groot 784 bund. 8 v. r. 56 v. ell. Daarin ligt het d. Boschkapelle, de geh. Campen, Luntershoek, Rapenburg en het Stoppeldijksche-veer; voorts staan daarin eene meestoof en twee korenmolens, waarvan een tevens watermolen, om bij hoogen waterstand de laag gelegene weilanden van het water te ontlasten en in de gewone waterleiding van den polder te brengen, en eindelijk 22 hofsteden en 132 bijzondere woningen, waarvan 9 hofsteden en 17 woningen onder Stoppeldijk en de overige onder Boschkapelle zijn gelegen.
Op den 16 Mei 1643 is door de Staten-Generaal dezer landen, octrooi verleend aan Benedictus van Munster, Proost van St. Willi- » brordus, benevens aan Adriaan, Alexander, Hendrik en Gerard van » Munster, om te mogen bedijken de landerijen, schorren, slikken en «blikken, genaamd Stoppeldijk, bij hen bezeten uit krachte van erfe- » nis, koop en admodiatie, voor zoo ver die gelegen zijn in het ambacht » van Axel, onder anderen, met het regt van vrije jagt, vogelarij, vis- » scherij, behoudens dat onder deksel van deze vrijheden, niets gedaan, » noch geattenteerd worde, ten nadeele van den Staaten onder expresse » conditie, dat over deze dijkaadje op de eilanden, frontieren en stroomen » dezer landen, geenerlei excursien met chaloupen, wapens of anderzins » gedaan of gevangenen opgebragt worden, op poene van te verliezen » de vruchten van dezen octrooie." Zijnde door de Staten ten zelfden dage, gelijk octrooi verleend voor het onder Hulster-ambacht gelegen gedeelte, met deze bijvoeging, » dat op deze bedijking géén forten of » andere fortificatiewerken mogen worden gelegd." Deze octrooijen (Men vindt die in het groot plakkaatboek, D. 1. bl. 1973 en D. II bl. 1964) zijn nader bevestigd en geamplieerd op den 6 Januarij 1644, in overeenstemming met het octrooi door den Koning van Spanje verleend, voor de landen behoorende tot zijn gebied. De indijking is begonnen in 1644 en voltooid in 1645.
Het polderbestuur is toevertrouwd aan eenen Dijkgraaf, twee Gezworenen en eenen Ontvanger-Griffier en de polder watert door de sluizen van Campen op het Hellegat uit.
uit het Aardrijkskundig woordenboek van A.J. van der Aa uit 1839 en volgende jaren
Terug naar beschrijving van Stoppeldijk