Sprang, gem. in de Langstraat, prov. Noord-Braband, Tweede distr., arr. 's Hertogenbosch, kant. Waalwijk (9 k. d., 3 m. k., 9 s.d.); palende N. aan de gem. Besoijcn, O. en Z. aan Loon-op-Zand, W, aan Vrijhoeven-Capelle, N. W. voor een klein gedeelte aan Capelle.
Zij bevat het d. Sprang en het geh. Sprangschevaart, en beslaat, volgens het kadaster, eene oppervlakte van 437 bund., waaronder 420 bund. 98 v. r. 67 v. ell. belastbaar land.
Men telt er 208 h., bewoond door 323 huisgez., uitmakende eene bevolking van ruim 1710 inw., die meest hun bestaan vinden in het maken van zoogenaamde Langestraatsche schoenen. Men heeft er ook 1 windkoren- en 1 ros-oliemolen.
De Herv., die er 1290 in getal zijn, onder welke 500 Ledematen, maken eene gem. u i t , welke tot de klass, van Heusden , ring van Grevelduin-Capelle behoort.
De eerste, die in deze gemeente het leeraarambt heeft waargenomen, nadat Sprang in 1613 van Besoijen was afgenomen, is geweest Cornelius Hanecopius, die in het jaar 1613 herwaarts kwam en in het jaar 1616 naar Breda vertrok. Het beroep geschiedt door den kerkeraad.
Men treft er 70 Christelijk Afgescheiden aan.
De 2 Evang. Luth,, die er wonen , hehooren tot de gem. van 's Hertogenbosch. — De R. K.., die er 340 in getal zijn, behooren tot de par. van den Kaatsheuvel. - De 20 Isr., die er wonen, gaan te Besoijen of te Waalwijk hunne godsdienst waarnemen.
Men heeft in deze gem. eene school, welke gemiddeld door een getal van 130 leerlingen bezocht wordt.
Deze gem. is eene heerl., welke in het midden der vorige eeuw bezeten werd door Don Melchior Josephus de Villegas, Baanderheer van Pellenberg, Hovorst, enz. Thans is zij het eigendom van den Heer K. van Houweningen, woonachtig te Gorinchem.
Het d. Sprang ligt 4 u. W. ten Z. van 's Hertogenbosch, ½ u. Z. Z. W. van Waalwijk. Het is een groot in het geboomte liggende dorp, dat van het O. naar het W. ½ u. gaans zich uitstrekt, welke beide einde daarom het Oosteind en het Westeind genoemd worden. De provinciale straatweg van Tilburg naar Waalwijk doorsnijdt deze plaats. Men telt er 197 h. en ruim 1620 inw.
De Herv. kerk, is vrij ruim en heeft eenen toren van zwaar muurwerk, met eene vierkante, korte spits gedekt, welke toren in den Franschen tijd tot telegraaf gediend heeft. Aan den zuidwesthoek is deze toren van eene aanzienlijke hoeveelheid muurwerk beroofd van boven tot onder toe; het schijnt niet hekend te zijn wanneer of bij welke gelegenheid deze ramp ontstaan is, en vreemd kwam het ten alle tijde voor, dat aan de herstelling nooit de hand gelogd is geworden; oppervlakkig zou men zeggen dat de toren de herstelling van de bedoelde bres wel noodig heeft. In het jaar 1807 is overeenkomstig de begeerte van wijle Vrouwe Johanna van Olphen, door haren nagelaten echtgenoot en kinderen, den Heer F. van de Werken; de Heeren C van de Werken en J. B. van de Werken Zwaak, benevens Mej. M. W. van Dusseldorp, geb. Van de Werken, aan deze gemeente een kostbaar en fraai kerkorgel ten geschenk gegeven.
De dorpschool is in het jaar 1836 gesticht.
De kennis te Sprang valt in den eersten Zondag na 17 September.
In het laatst van het jaar 1839 stond deze gem. onderscheidene malen ten prooi aan moedwillige brandstichting, onder anderen had dit plaats in den nacht tusschen 15 en 14 December van dat jaar, als wanneer daardoor twee huizen werden in de asch gelegd; nadat echter drie jongelingen, welke zich daaraan hadden schuldig gemaakt, te 's Hertogenbosch, wegens dit hun bedrijf ter dood veroordeeld waren, welke straf door Z. M, veranderd werd in geesseling en brandmerk, en 20 jaren tuchthuisstraf, heeft dit opgehouden.
Het wapen dezer gem. bestaat uit een veld van zilver, met drie kussens van keel (rood).
uit het Aardrijkskundig woordenboek van A.J. van der Aa uit 1839 en volgende jaren
Terug naar beschrijving van Sprang