Craijertpolder (Oude-), in de wandeling meestal enkel De Oude-Craijert genaamd of Selnissepolder, pold. op het eil. Zuid-Beveland, prov. Zeeland, arr. Goes, kant. Heinkenszand, grootendeels gem. 's Heer-Arendskerke, gedeeltelijk ook gem. Heinkenszand; palende N. aan de schorren tegen de Schengen, N. O. aan den Oostpolder, O. aan den Ankeveerepolder, den Ouden-Nieuwlandpolder en den Stellepolder, Z. O. aan den Wester-Guitepolder, Z. en W. aan den Nieuwen-Craijertpolder.
De Oude-Craijertpolder werd in het jaar 1547 door Adolf van Bourgondië, Heer van Capelle en Wackene, en Jeronimus Sandelijn, Heer van Herenthout, Rentmeester Bewesten-Schelde, drooggemaakt. Vroeger was het eene schor, welke lang vele schapen had gevoed. Deze pold. werd eerst de Craijert geheeten, welke naam later in die van de Oude-Craijert veranderd is. In het jaar 1561 weder ondergeloopen zijnde, werd hij nog in hetzelfde jaar beverscht. Hij beslaat, volgens het kadaster, eene oppervlakte van 410 bund. 18 v. r. 49 v. ell., telt 28 h., waaronder 9 boerderijen en watert door eene sluis op de Schelde uit. Het dijksbestuur bestaat uit een en Dijkgraaf, eenen Gezworene en eenen Ontvanger-Griffier.

uit het Aardrijkskundig woordenboek van A.J. van der Aa uit 1839 en volgende jaren
Terug naar beschrijving van Oude Kraaijertpolder